Sur-O-Scope

Beperkingen
Veel surrogaat endoscopen hebben beperkingen waardoor afwijkingen van de kanaalcontroles van de desinfectie apparatuur niet gedetecteerd worden. Dit zijn meestal de grootste- en kleinste kanalen. Welk probleem optreed is afhankelijk van de constructie van het vloeistof circulatiesysteem en het kanaalcontroleprincipe van de desinfectiemachine. Elke fabrikant past hiervoor een ander principe toe.

Sur-O-scope
De EN-ISO 15883  norm is gehanteerd als uitgangspunt voor de surrogaatendoscoop. Belangrijkste is niet dat de scoop voldoet aan een interpretatie van de norm, maar dat de surrogaatendoscoop geschikt is voor de beoogde toepassing. Door extra kanaaltypen toe te voegen is de sur-O-scope compleet en bruikbaar voor reinigingstesten en kanaalcontroles van alle machineaansluitingen tegelijk.  De sur-O-scope is hierin de enige in zijn soort en bruikbaar voor alle merken endoscoopdesinfectie apparatuur. Het principe is uitgewerkt voor drie specifieke toepassingen.

Een gedetailleerde beschrijving van de sur-O-scope validaties is verkrijgbaar via: Contact.

7 Kanalen surrogaat-endoscoop
De sur-O-scope is qua opbouw, afmetingen en kanalenschema vergelijkbaar met medische endoscopen van de meest voorkomende merken. Voor de aansluitingen wordt gebruik gemaakt van originele endoscoopconnecties waardoor de stroming in de endoscoopkanalen en het aansluiten zo realistisch mogelijk zijn. Door het slanke bedieningshuis en het compacte ontwerp is de sur-O-scope eenvoudig te hanteren en het past in de ETD zonder verloopadapters. Het distale deel van rond 15 mm kan in de spiraalbuis van de Wassenburg en Steelco machines geschoven worden. De sur-O-scope is dus in dezelfde positie te gebruiken als de medische endoscopen.
Evenals een sterilisator geeft testen onder volledige belading het beste resultaat en inzicht in de prestaties van de machine. De sur-O-scope biedt die mogelijkheid voor de endoscopendesinfector.

Voordelen sur-O-scope:
-     toepasbaar als testbelading bij alle validaties: standaard;
-     bij elke test zijn altijd alle machine kanaalaansluitingen gekoppeld;
-     verschillende kanaaldiameters: realistische validatie;
-     plaatsing in alle machines zoals een “echte” endoscoop.

Varianten
Bij validatie wordt gebruik gemaakt van de volgende drie sur-O-scope typen:
1- meet-sur-O-scope waarbij alle machine kanaalaansluitingen tegelijk worden gemeten met  behulp van ons meetsysteem
2- indicator-sur-O-scope waarbij alle endoscoop kanalen worden geverifieerd op de reinigende werking van de machine
3- obstructie-sur-O-scope waarbij alle endoscoop kanalen worden getest verstopping en disconnectie

Kanalenschema
De kanalen hebben afmetingen conform de meest gangbare merken en typen. Deze dimensies zorgen voor een storingsvrij desinfectieproces van de machine met actieve kanaalcontrole. Hierdoor kunnen realistische flowmetingen en reinigingstesten van de kanalen uitgevoerd worden. Door variatie in het aansluiten van de kanalen kunnen diverse endoscooptypen gesimuleerd worden.
Connector aansluiting
De aansluitmethode is zoals gebruikelijk via de connector en op het bedieningshuis, inclusief kanaalscheider.
ETD aansluiting
Voor de aansluiting in de ETD kan de standaard Olympus aansluitadapter toegepast worden.

Kanaal afmetingen sur-O-scope

NEN-EN-ISO 15883-4:
Annex F geeft aanwijzingen hoe een surrogaat endoscoopkanaal connecties opgebouwd kan zijn:
- kanaalscheider;
- liftkanaal ø 1,2;
- water-/luchtkanaal ø 2 mm;
- afzuig-/biopsiekanaal ø 4 mm.

ISO norm surrogaatendoscoop